Hoogtereferenties
VENV kan dezelfde grondwaterreeks in verschillende hoogtereferenties presenteren. De onderliggende meting verandert niet; alleen het nulpunt en de labels veranderen.
| Referentie | Betekenis | Typisch gebruik |
|---|---|---|
| m NAP | Absolute hoogte ten opzichte van Normaal Amsterdams Peil | Vergelijken tussen locaties en koppelen aan andere hoogtegegevens |
| m t.o.v. maaiveld | Hoogte of diepte ten opzichte van lokaal maaiveld | Begrijpen hoe ver water onder of boven het oppervlak staat |
| m t.o.v. bovenkant meetpunt | Hoogte ten opzichte van de fysieke meetreferentie | Controle van veldmetingen en meetpuntconstructie |
De snelle keuzeknop staat boven de linker y-as zodra meer dan één geldige referentie beschikbaar is. Dezelfde keuze staat in de grafiekinstellingen.
Maaiveld en bovenkant meetpunt
Maaiveld en bovenkant meetpunt zijn metadata van de locatie. Ze worden als gelabelde referentielijnen getoond als de bronwaarden beschikbaar zijn. Controleer in Operationeel of de fysieke afwerking en hoogtegegevens passen bij de situatie in het veld.
Vergelijken
Bij een vergelijking worden reeksen naar dezelfde gekozen presentatiereferentie omgezet. Gebruik NAP als absolute verschillen tussen locaties belangrijk zijn. Gebruik maaiveld als de lokale ontwateringsdiepte centraal staat.